Woordenschat stimuleren: Hoe doe je dat en wat bied je aan?

Home / Kleuters / Woordenschat stimuleren: Hoe doe je dat en wat bied je aan?
image_pdf

Woordenschat

Woordenschat is een belangrijk voor een verder schoolsucces!  Wat is woordenschat precies? Hoe kun je de woordenschat van een kind stimuleren? En waarom is woordenschat zo belangrijk? In deze blog lees je meer over het belang van woordenschat en de manier waarop je de woordenschat van een kind kunt vergroten. 

woordenschat stimuleren

Wat is woordenschat?

Wanneer we het over woordenschat hebben, dan hebben we het vooral over het (aan)leren van nieuwe woorden.
Het is belangrijk om een grote woordenschat te hebben, want het volgende hangt allemaal samen met woordenschat:

  • begrip van wat je leest
  • vlot lezen
  • decoderen
  • luisteren en begrijpen

Het gaat bij woordenschat dan ook niet alleen om de woorden uit je hoofd te leren of de woorden in een netwerk te plaatsen. Maar het gaat er zeker om in hoeverre je de woorden kunt toepassen en er gebruik van kunt maken in woorden en zinnen.

Woordenschatlessen

In verschillende methodes zit ‘woordenschat’ duidelijk verwerkt. Maar eigenlijk biedt je op een hele schooldag continue woordenschat aan. De kinderen kunnen hierbij de eigen woordenschat uitbreiden, maar zijn ook continue bezig om te begrijpen wat je zegt en dit te decoderen. Daarnaast kunnen ze in aanraking komen met nieuwe woorden die ze eigen moeten maken.

Toch is het belangrijk om ook echte woordenschatlessen aan te bieden. Dit hoeven zeker geen lessen uit de methode te zijn. Natuurlijk is het fijn wanneer je een methode hebt waarin dit verwerkt is, maar dit is zeker geen voorwaarde. Je kunt namelijk zelf heel goed lessen vormgeven!

Zelf woordenschatlessen ontwikkelen

Wanneer je zelf materiaal of lessen wilt ontwikkelen, kun je het beste gebruik maken van de Viertakt van Verhallen. In het kort zal ik aangeven hoe zo’n les eruit ziet. Wil je hier meer over weten?  Lees dan zeker onderstaande boeken:

vakliteratuur woordenschat

 

Koop bij bol.com

 

 

 

 

 

 

Verhallen beschrijft de volgende vier fases van een woordenschatles:

Fase 1: Voorbewerken

Een aantal werkvormen waarbij je duidelijk aandacht kunt hebben voor de woordenschatontwikkeling:

– Interactief voorlezen:  woorden uitleggen/vragen stellen
– Praatplaat:   bespreek met elkaar wat je op de plaat ziet.
– Bekijk een filmpje van bijv. HBB over het onderwerp
– Maak een poster met de woorden (evt. met plaatjes) en hang deze op
– Maak een schema met woorden die in verband staan en hang deze op in de klas. (woordclusters)

Overzicht woordclusters Noordpool en ZuidpoolWoordclusters
Het is vooral belangrijk dat je de nieuwe woorden aanbiedt in een context. De woorden hebben met elkaar te maken. Op o.a. de themapagina ‘Noord- en Zuidpool’ kun je een aantal woordclusters zien en downloaden.   Woordenwiki geeft je al veel woordclusters om te gebruiken in de klas.

 

Keuze van woorden
Voor de groepen 1 en 2 kun je gebruik maken van digiwak (digitaal woordenlijst Amsterdamse kinderen). Deze voorbewerkingsfase zorgt voor betrokkenheid en aandacht voor het aan te leren woord.


Fase 2: Semantiseren

In deze fase geef je gerichte oefeningen waarin de betekenis van de woorden worden verduidelijkt.
In de voorgaande fase ging het nog vooral over materialen waarmee je de woorden zichtbaar kunt maken en waarmee je de interesse wekt. In deze fase gaat het vooral over de instructie die je geeft:  je gaat de betekenis verduidelijken. Je vertelt wat het is, maar je plaatst dit ook binnen een context. In deze fase is er vooral aandacht voor het uitbeelden en uitleggen.

woordenschatspellen

Fase 3: Consolideren

In deze fase gebruik je verschillende werkvormen om de woorden te herhalen. Je blijft met de kinderen oefenen totdat ze de woorden kennen. Je herhaalt de woorden op verschillende, maar vooral speelse manieren, en je zorgt ervoor dat de woorden zichtbaar in de klas aanwezig zijn.
Hier komen dus de woordclusters, woordtrappen etc. zeker van pas.

Uit ervaring weet ik dat fase 1 en 2 nog wel te doen zijn, maar dat fase 3 wat lastiger is. Want hoe herhaal je meerdere keren dezelfde woorden op een leuke manier?
Dit doe je door meerdere korte activiteiten aan te bieden:

  • Galgje: laat de kinderen het woord raden
  • Raadsel: geef een omschrijving van één van de woorden
  • Hints: laat één van de kinderen het woord uitbeelden
  • Liedje: zing een liedje wat ermee te maken heeft

Andere spelletjes kun je bijvoorbeeld in het hoekenwerk verwerken:
– Memory/Trimemory: leg de kaartjes op z’n kop en probeer de twee juiste afbeeldingen bij elkaar te zoeken. Bij trimemory zoek je drie afbeeldingen bij elkaar: het woord, de afbeelding en de omschrijving.
– Knijpkaart: zoek de afbeelding bij het woord óf zoek het woord bij de omschrijving
– Communicatiespel: bij elke praatplaat breng je een figuur aan. Laat de leerling benoemen wat hij op de afbeelding ziet en daar een verhaal over vertellen.
– Twister: lees hier meer over hoe je dit spel kunt inzetten voor woordenschat
– Wie is het?:  Verander de afbeeldingen in thema-afbeeldingen. Laat de kinderen het spel spelen met de aangeboden woorden.
– Bingo: laat de kinderen in een groepje bingo spelen.

Bij de methode Taal Actief zijn er een aantal woordenschatspellen beschikbaar. Hier kun je nog meer tussendoortjes en spelletjes vinden.

Fase 4: Controleren

Je controleert in hoeverre de leerlingen de woorden begrijpen en gebruiken. Dit doe je o.a. door te observeren: gebruikt de leerling actief de woorden? Begrijpt de leerling de opdrachten waarin de woorden verwerkt zijn? Natuurlijk zijn er ook toetsen waarbij de woordenschat getoetst wordt, maar persoonlijk vind ik dat deze toetsen niet altijd het juiste beeld geven over de gehele woordenschat.

Als leerkracht kun je natuurlijk niet alle woorden aanleren. Kinderen leren zelf ook woorden binnen en buiten de school. Wanneer kinderen veel lezen, komen ze in aanraking met veel (nieuwe) woorden.

 

 

Lees meer:

 

 

 

image_pdf
Related Posts

Leave a Comment

bijbelblad alefsuperheldencadeau