Project ‘Maak je niet dik!’ (3)

Home / Projecten / Project ‘Maak je niet dik!’ (3)

Spelactiviteiten

Gezond leven twister:  Er mogen  4 deelnemers klaar gaan staan voor het spelkleed. Eén van de deelnemers die er naast staan te wachten, draait de wijzers op de draaischijf rond. De begeleider bij het spel vertelt op welke fruit of groente de deelnemers mogen gaan staan met handen of voeten. Bijv. rechterhand op appel etc. Degene die het langst kan blijven staan, heeft gewonnen.
Download:  draaischijf voeten-handen fruittwister
Speelkleed kan je maken door ronde vouwblaadjes op de grond te leggen en hier met boeklon overheen te gaan. Je hebt nu een mooi speelkleed wat ook weer van de vloer te verwijderen is.

Differentiatie: groente of fruit product wordt genoemd; deelnemers moeten met hand of voet op de kleur van het groente of fruitproduct gaan staan.

Hindernisbaan:  De deelnemers lopen een hindernisbaan waarbij ze aan het einde een stuk (nep)fruit moeten pakken en zo snel mogelijk in een mand moeten gooien. Wie het eerste de fruit in de mand vol heeft, heeft gewonnen. Een hindernisbaan waarbij je moet rennen, springen, zak lopen en hinkelen.

Bingo: Je speelt het spel als gewone bingo, maar in plaats van getallen staan er plaatjes van fruit of groente op de kaart.

Deurtjes-spel: Er komt een tekening/plaat te hangen dat te maken heeft met fruit, groente en sport.  Voor deze platen komen eerst 4 of 6 deurtjes te hangen. De deelnemers krijgen vragen of opdrachten. Als ze die goed hebben wordt één voor één een deurtje open gedaan, en meteen ook weer gesloten. De groep die het eerste het plaatje heeft geraden, krijgt een punt.

Tikkertje:  Er is een tikker en die probeert iemand te tikken. Als de tikker je bijna te pakken heeft, is het de bedoeling dat je een fruitsoort of een groente noemt. Je kunt dan niet getikt worden.

Het sorteerspel: Er zijn verschillende soort fruit en snoep gemaakt of verschillende namaak fruit en snoep. De groep wordt in 2/3 teams gesplitst. Er wordt een korf en/of vuilcontainer geplaatst.  De ene is de fruitmand, de ander de vuilnisbak. Bij het fluitsignaal moeten de deelnemers een product pakken, rennen en het dan in de juiste bak gooien. Dan weer terug rennen en de volgende die aan de beurt is, aantikken.

Fruit/groente memory: Er zijn 40 kaartjes met een afbeelding van groente/fruit/sport of beweging erop, omgedraaid op tafel gelegd. Het is de bedoeling dat er 2 kaartjes steeds omgedraaid worden.

Kwartet:  Gebruik de kwartetkaarten. Verzamel 4 kaarten die bij elkaar horen.

Related Posts

Leave a Comment

lestips bij een hele kunst