logboek extra begeleiding

Ouderbetrokkenheid vergroten bij extra begeleiding.

Extra begeleiding van kinderen speelt zich vooral op school af.   Ouderbetrokkenheid is belangrijk (ook één van de pijlpunten van HGW) maar vaak is dit lastig.  In deze blog geef ik tips om tijdens de extra begeleiding van een leerling de ouderbetrokkenheid te vergroten.

ouderbetrokkenheid vergroten

1.  Samen in gesprek

Wat zijn je doelen voor de extra begeleiding?   Vanuit de klas of in de klas zul je voor jezelf doelen stellen. Meestal zijn deze doelen gericht op de leerstof.  Toch is het ook heel belangrijk om ook te denken aan de onderwijsbehoeften van een leerling.  Vraag daarom ook aan de leerling waarin hij/zij begeleiding nodig heeft. Dit kan niet alleen op cognitief vlak liggen maar ook bijv. op sociaal-emotioneel vlak.   Vaak kent de leerling zichzelf heel goed en weet hij/zij waar de knelpunten liggen. Met het formulier intakegesprek RT kun je je een goed beeld krijgen van een leerling.  Geef ook de ouders de mogelijkheid om een beeld te schetsen over de leerling.  Laat hen ook duidelijk de verwachtingen die zijn hebben over extra begeleiding verwoorden.

 

 

 

 

2.  Doelen stellen

Met stap 1 heb je een duidelijk beeld van de leerling en zijn omgeving gekregen.  Waarschijnlijk heb je ook een gesprek gehad waarbij de leerkracht de doelen qua leerstof heeft toe kunnen lichten.  Nu is het goed om een beginsituatie te beschrijven.  Je kunt hiervoor de informatie die je gegeven is gebruiken.  Vanuit deze beginsituatie ga je doelen stellen.   Ook hierin kun je de ouders en kinderen betrekken. Bespreek met elkaar de doelen. Bekijk of voor iedereen het doel duidelijk is.   Ga met elkaar op welke manier iedereen aan de doelen kan en zou willen werken. Spreek daarna af in welke mate en welke hoeveelheid er thuis gewerkt gaat worden aan de leerstof.

 

3.  Op school en thuis aan de slag

Tijdens het gesprek bij punt 2 kun je aan de hand van de doelen gaan plannen.  Ouders kunnen op dat moment ook aangeven welke mogelijkheden er zijn om de leerling thuis te begeleiden.  Maak tijdens dit gesprek duidelijke afspraken over welke rol de ouder binnen dit leerproces zal vervullen.  Bespreek ook met elkaar op welke manier de ouder je op de hoogte kan houden wanneer er iets aan de hand is of wanneer er vragen zijn over de leerstof.  Maak nu een planning voor een lange tijd.  Dit betekent niet een hulpplan waarbij je elke week kijkt wat je nu gaat aanbieden, maar maak een planning bij je lange termijndoelen.   Een voorbeeld van zo’n plan:

Week 38:    Voorbereiding op spellingsregel verdubbelaar
Instructie:   klanken onderscheiden  (korte klanken, lange klanken, medeklinkers etc.)
Materiaalgebruik:  bal
Extra inoefening:  werkbladen bladzijde …. uit …………………..

Week 39:   voorbereiding op spellingsregel verdubbelaar
Instructie:  herhaling klanken
oefenen van het verdelen van woorden in klankgroepen
Materiaalgebruik:  bal
Extra inoefening:  werkbladen bladzijde … uit…………………….

Week 40:  aanbieden van spellingsregel klinkerdief
Instructie: herhaling klanken en verdelen van woorden in klankgroepen
woorden verdelen in klankgroepen, verwoorden van klank aan eind van klankgroep, toepassen van spellingsregel
Materiaalgebruik: pen en papier
Extra infoefening:  werkbladen bladzijde…. uit…………………….

Wanneer je zo’n plan maakt, dan werk je echt naar het behalen van de doelen toe.  Je hebt nu een planning voor de komende tijd en je hebt duidelijk overzichtelijk in beeld op welke manier je de doelen gaat behalen.  Ben je benieuwd wat ik met die bal doe om de klinkerdief of verdubbelaar aan te bieden?  Kijk dan eens bij het artikel: ‘de verdubbelaar in stappen inoefenen’ 

 

4.  de uitvoering!

Ook tijdens de uitvoering van het plan kan de ouderbetrokkenheid erg hoog zijn.  Jij bent met een plan bezig, maar wanneer ouders thuis ook aan de slag gaan is het goed om elkaar op de hoogte te houden.  Dit kan bijv. door middel van een logboek.

logboek extra begeleiding

In dit logboek staat het volgende beschreven:

– een kort overzicht van het leerniveau van de leerling bij de start van uitvoering plan
– korte samenvatting van de doelen
– mogelijkheid tot evaluatieverslag
– kort overzicht van aangeboden leerstof van een ontmoetingsmoment
– overzicht van leerstof of leermaterialen waarmee ouders en leerling thuis aan het werk gaan
– ruimte voor ouders om vragen te stellen  en ruimte voor het delen van ontwikkelingen.

Je kunt dit logboek downloaden. Dit is een WORD bestand die je mag bewerken naar eigen inzicht voor gebruik op school of in RT praktijk.

[wpdm_file id=74]

5.  Evalueer je doelen

Je hebt ouders betrokken bij het vaststellen van een beginsituatie, bij het vaststellen van de leerdoelen, bij de uitvoering maar vergeet ouders niet bij het evalueren van de doelen.   Vaak neem je een toetsing af om te kijken of de doelen zijn behaald. Je kunt met deze feitelijke gegevens aan de slag. Maar je kunt niet alleen evalueren aan de hand van de toetsgegevens, maar ook door met de leerling en de ouders in gesprek te gaan.  Je kunt tijdens dit gesprek alweer stappen ondernemen voor een volgende periode.  Evalueer met elkaar de leerdoelen en stel nieuwe doelen op voor een volgende periode.

 

Op zoek naar meer RT materiaal?  Bekijk hier mijn materiaal met o.a. bewegend leren, gebruik van BLOON, spelling, lezen.

 

Welke tips kun je mij (en andere lezers) geven om de ouderbetrokkenheid te vergroten?

 

logo jufanja.eu




voorschotbenadering

Voorschotbenadering bij kleuters

Voorschotbenadering richt zich vooral op het fonemisch bewustzijn van kleuters en heeft als doel om een kleuter al voor te bereiden op het leesonderwijs in groep 3. In dit bericht vertel ik graag meer over voorschotbeandering en alles wat hier mee samenhangt.
 
 voorschotbenadering
 

Wat is voorschotbenadering?

Voorschotbenadering bied je aan ter voorkoming van evt. leesproblemen in groep 3. Deze benadering geeft een kleuter een voorschot mee op het leesonderwijs in groep 3. Voorschotbenadering richt zich vooral op het fonemisch bewustzijn van kleuters (analyse en synthese) waarbij ook aandacht is voor het schrijven. (invented spelling)

We onderscheiden de volgende fases:

  1. identificatie van fonemen/letters,
  2. manipulatie van fonemen/letters,
  3. klank/tekenkoppelingen aanleren, deze fasering is ten dele gebaseerd op het onderzoek van Murray (1998)

Lees hier verder over de verschillende fases.

Hoe bepaal je welke activiteiten je aan bod laat komen?

Het is vooral goed om duidelijk voor ogen te hebben welke onderwijsbehoeften de leerlingen hebben en welke leerstof ze al beheersen en waar de moeilijkheden liggen.

Maak een analyse naar aanleiding van observaties n.a.v. auditieve oefeningen het leerlingvolgsysteem, RSOK afnamegegevens CITO gegevens. Probeer te analyseren op welke gebieden er moeilijkheden liggen.  Met deze gegevens kun je ontdekken welke gebieden extra aandacht nodig hebben.  Start eerst met activiteiten uit fase 1 waarna je verder kunt werken naar fase 2/3.



Hoe kom ik aan de materialen?

Van de volgende materialen maak ik gebruik:

1.  Mijn absolute nummer 1:    de map  ‘Fonemisch bewustzijn’  van CPS.  (inmiddels is er ook een vernieuwde versie)

fonemisch bewustzijn

2.  Van beginnende geletterdheid tot lezen  (Uitgeverij DeLubas)

Van-beginnende-geletterdheid-tot-lezen-set

3.   Letter van de week   (Linda Willemsen)

letter van de week

4.  Spelenderwijs rijmen    (Klasvanjuflinda.nl)

rijmen

 Organisatie

Nu je weet waar de moeilijkheden liggen en je verschillende bruikbare materialen op een rij hebt kun je een programma gaan samenstellen. Allereerst is het goed om na te denken over de organisatie.  Wanneer je aan de slag wilt met een aantal leerlingen dan moet je wel je klas in veilige handen geven aan iemand.  Of laat je juist een onderwijsassistent voorschotbenadering aanbieden?  Dit zijn verschillende keuzes die van invloed zijn op jouw programma.  Het is fijn wanneer het mogelijk  is om voorschotbenadering meer dan 1x per week ingepland kan worden.

Keuze van activiteiten

Maak een keuze van de activiteiten aan de hand van de analyses en onderwijsbehoeften van de leerlingen.  Bekijk hoe je deze onderwerpen eerst op een ‘makkelijke’ manier dit kunt aanpakken en dit steeds verder kunt uitbouwen.  Geef elke sessie een eigen onderwerp zodat je specifiek kunt richten op dit ene onderdeel.

Extra tips:

Bij het uitvoeren van de activiteiten is het goed om voor ogen te houden op welke manier je de leerstof aan zult bieden. Een aantal tips:

  1. Wissel de activiteiten af, maar zorg er wel voor dat er wel herhaling is.
  2. Zorg ervoor dat je makkelijk begint en er elke activiteit weer verder aan werkt om op een hoger niveau te komen.
  3. Zorg ervoor dat je niet alleen auditief aan de slag gaat maar zorg voor visuele ondersteuning en maak gebruik van spelletjes en klankgebaren.
  4. Zorg voor een registratieformulier per onderwerp/per kind.  Je kunt alle bijzonderheden direct noteren en dit later verwerken.
  5. Evalueer regelmatig tussendoor:  zo kun je een stap verder naar de volgende fase maken.
  6. Maak een leesdossier aan:  bewaar hier de gegevens van de RSOK, CITO taal voor kleuters en je analyse. Dit dossier kan waardevol zijn in groep 3 of hoger.
  7. Organiseer een lettercircuit:  biedt de klank die de week centraal staat aan met verschillende activiteiten.

 Wat zou jij graag nog meer willen weten over voorschotbenadering?

 

handtekening

 

Lees meer:




race lezen

Race lezen (Kern 6 t/m 12)

Waarom race lezen?

Het leestempo verhogen;  dat willen we meestal graag.  Een aantal leerlingen kunnen wel goed lezen, maar moeten dit automatiseren om het tempo te kunnen verhogen.  Veel oefenen met lezen is de enige oplossing.    Vaak is de reactie van leerlingen:  alweer dat veilig & vlot oefenen?  Dat heb ik al gedaan.  (tenminste dat hoor ik vaak tijdens het invallen)  Een leescircuit met verschillende leesactiviteiten maakt lezen leuk en blijft het leerzaam.   Race lezen is een leuke activiteiten om tijdens het circuit in te zetten.

Race lezen 2

Wat is race-lezen?

Race lezen is gericht op het plezier hebben van lezen,  tempo te verhogen en het proberen van je doel te behalen.   Duo’s kunnen met race lezen aan het werk, maar ook tijdens RT kan er op een andere manier worden gewerkt.   Race lezen maakt het tempo of het aantal fouten inzichtelijk, waardoor de leerling zichzelf kan verbeteren.

Hoe werk je met de race leesbladen?

Je hebt een stopwatch en gekleurde marker nodig om aan de slag te gaan.  Bepaal eerst wat je doel is bij het werken bij de leerling.  Het tempo verhogen of het aantal leesfouten verminderen.   Je kunt dan op de volgende manieren aan de slag:

1. Tempo verhogen:  elke vakje is bijv. 2 seconden: probeer zo min mogelijk vakjes gekleurd te krijgen.

2. Fouten verminderen:  elk vakje is een fout. Kleur het aantal vakjes.  Lukt het de volgende keer om minder fouten te maken?

Je hebt met elk leesblad 3 kansen. Je krijgt dus 2x de kans om jouw scores te verbeteren.  Dit daagt leerlingen uit en bij elke leerling is er op zijn of haar niveau een ontwikkeling te zien.

race lezen

De leesbladen hebben een echte race uiterlijk om de kids te enthousiasmeren.

 

 

Downloads:

Race leesbladen bij Veilig Leren Lezen:
Race leesbladen kern 6
Race leesbladen kern 7
Race leesbladen kern 8
Race leesbladen kern 9
Race leesbladen kern 10
Race leesbladen kern 11
Race leesbladen kern 12

 

Verder oefenen met woordrijtjes in groep 4?
Bekijk dan de race leesbladen met specifieke leesmoeilijkheden.

 




bewegend leren rekenen

Bewegend leren rekenen (gr. 1 t/m 6)

Alle nieuwe leerstof moet ingeoefend worden om zo het automatiseringsproces te stimuleren. Door bewegend leren rekenen zorg je voor plezier en een leerzame tijd.  En reken maar dat de leerlingen enthousiast zijn! 

0009401136P-565x849

* En schudden maar!

Doelen:  automatiseren van sommen t/m 20
Materialen:  klein doorzichtig doosje met doorzichtige deksel, 2 dobbelstenen, evt. bingokaart.
Werkbeschrijving:  Laat de leerling of leerlingen om de beurt het doosje schudden. Wanneer de dobbelstenen stil liggen, bekijk je de cijfers/ogen.  Maak er nu een som mee. Je kunt kinderen zelf de keuze voor sommen geven + of -.   Je kunt de leerling de som laten opschrijven, maar je kunt er ook een spelelement in toevoegen dat je het antwoord mag afstrepen van je bingokaart.  Wie heeft er als eerst zijn of haar bingokaart vol?

* Gooi…denk… vang!

Doel: Automatiseren van sommen
Materialen: bal
Werkbeschrijving:   Ga met een groep in een kring staan. Zorg ervoor dat er een leerling in het midden van de kring staat. Deze leerling gooit onverwachts steeds een bal naar leerling. Voordat hij/zij gooit roept hij/zij een som en gooit hierna de bal.  De leerling moet de bal vangen en het antwoord roepen.

* Reken je rot!

Doel:  automatiseren van splitsingen t/m 10
Materialen:  A4 vellen papier met hierop de cijfers 0 t/m 10.
Werkbeschrijving: Hang de verschillende vellen papier op verschillende plekken op het schoolplein.  Noem een splitsing bijv.   ik ga 10 snoepjes splitsen:  5 voor mij en …………….. voor jou!  De kinderen rennen zo snel mogelijk naar het juiste antwoord toe.   Herhaal dit met splitsingen van verschillende getallen.
Differentiatie:  natuurlijk ook goed te gebruiken voor tafelsommen, optel of aftreksommen.

 

Enthousiast?  Ook binnen ‘met sprongen vooruit’  is er aandacht voor beweging. Aanrader!

 

 

 

Welke spelletjes heb jij hier nog aan toe te voegen?  Plaats ze in een reactie en ik zal deze toevoegen aan deze verzameling.

handtekening




spel om klankgroepen te oefenen

Oefenen met het maken van lettergrepen

spellingsoefening; bal

Voor verschillende taalactiviteiten is het belangrijk om woorden in lettergrepen te verdelen.  Zo komt het ook aan bod bij spellingsregels:
Eerst het woord in lettergrepen (of klankgroepen) verdelen en dan……

Regelmatig kan een leerling uitvallen op zo’n spellingsregel. Je gaat dan oefenen met zo’n leerling. Het is dan wel belangrijk dat een leerling een woord in lettergrepen kán verdelen. Want anders leer je stap 2 aan, maar heeft hij/zij stap 1 nog niet onder de knie.
Daarom deze korte en ook simpele spellingsoefening:

Materialen:
* bal
* woorden

Beschrijving:
Begeleider noemt een woord.  De leerling zegt het woord hardop na.  Hij gaat nu hardop het woord in lettergrepen verdelen. Op het plekje waar je het woord deelt, daar laat je de bal stuiteren.

Voorbeelden:
ja  (stuiter) ger
zo (stuiter) mer (stuiter) va (stuiter) kan (stuiter) tie

 




handleiding bloon voor ouders

BLOON handleiding voor ouders/verzorgers

Een aantal weken geleden was ik op zoek naar een handleiding voor BLOON.
Niet voor mijzelf, welteverstaan, maar om duidelijk te communiceren naar ouders op welke manier BLOON werkt.

Helaas was er nog geen handleiding te vinden, maar vond ik wel deze handleiding voor de leerkracht. (Bron: MaartenV.be)

Maar het schrijven van een handleiding is soms zo makkelijk nog niet.  Gelukkig gaven @jufinger  en @talletjetaal mij feedback zodat ik het stuk uiteindelijk heb kunnen afronden.

bloon1

Op verzoek zijn er meerdere versies:
Versie 1:  Handleiding en in te vullen wachtwoordpagina
– Versie 2  Handleiding om via mail te versturen
Versie 3:  Printversie in te vullen wachtwoordpagina

 




tafeldiploma per tafel

Tafeldiploma’s per tafelsom

Je kent ze wel:  de tafeldiploma’s
Bij de start van het jaar hang je ze voor alle leerlingen op.  Wanneer een leerling een tafel kent, krijgt hij of zij een beloning.

Na een aantal weken weet je dat sommige kinderen nooit een volle tafelkaart krijgen.
Wat moet het voor een leerling teleurstellend zijn om aan het eind van het jaar bijna volle tafeldiploma’s te zien en die van jou leeg.  Net of je er ook niet hard voor werkt.

Daarom ontwikkelde ik deze tafeldiploma’s:
tafeldiploma's

Deze passen bij de doelen die je samen met een leerling stelt.  De leerling ziet toch de vorderingen. Wanneer een aantal keersommen van een tafel wel lukt is dit voor jou en de leerling en de anderen goed zichtbaar.
Deze tafeldiploma’s werken mee aan klimaat waar een leerling trots mag zijn op zijn/haar ontwikkeling.

Download: Tafeldiploma’s per som; tafel 1 t/m 10




klinkerschema

Overzicht: klinkers en medeklinkers

Overzicht van klanken

Voor kinderen die moeite hebben met spelling is het soms lastig om te onthouden wat nu de korte of lange klanken zijn.  Dit is toch heel belangrijk om bepaalde spellingsregels toe te kunnen passen.

 

Klankenschema

Dit klankenschema kan voorin een spellingsmap gestopt worden. Het is een soort afkijkblad waar het kind even kan ‘spieken’ om te kijken wat het ook alweer was, maar te gebruiken om de klanken uit het hoofd te leren.

klinkerss

 

Download dit document door op de afbeelding te klikken.




Spelling: Posters spellingregels (zelfstandig spellen)

Spellingposters bij ‘Zelfstandig Spellen’

Spellingsregels;  als je ze weet en kunt toepassen dan kom je er wel met je spelling. Vaak is het onthouden én het toepassen lastig.

 

Spellingposters bij Zelfstandig spellen

Bij de methode ‘Zelfstandig Spellen’ (voor spellingzwakke leerlingen; vaak gebruikt bij RT) heb ik spellingsposters gemaakt.
Alle spellingsregels zijn overgenomen uit dit boek. De posters zorgen voor een visuele ondersteuning bij de spellingsregels.

Hoe te gebruiken?

Print de posters op A4 papier. Lamineer de posters. Hang ze boven of onder het bord.
Wanneer je aan de slag gaat met een spellingsregel: vergroot de A4 poster op A3 papier en hang deze duidelijk op het bord.

 

juf anja downloads

 

Spellingposters bij Zelfstandig Spellen

 

 




Met tempo lezen

Als RT’er krijg ik kinderen tijdens een sessie die heel goed woorden op een bepaald niveau lezen, maar dat er toch weinig vooruitgang is qua tempo lezen.  Goed om te oefenen en om het gevoel te krijgen welk tempo je moet hebben voor het lezen van een bepaald AVI niveau vind ik deze site:

avi1avi21. Je kiest het oefenniveau van de leerling uit.
2. Je kiest nu een verhaal (eventueel kun je ook doorklikken naar verhaal 6 – 10)
3. Kies nu voor het blauwe knopje voor het verhaal als je de tekst wil oefenen op instructieniveau en op het groene knopje voor de tekst op beheersingsniveau.
4. Je mag direct beginnen met lezen. Langzaam verdwijnen de woorden in het niets.

Mijn ervaringen:
* Goed te gebruiken om te oefenen met tempo
* Goed om te gebruiken om langzaam tempo te verhogen (eerst op instructieniveau, daarna beheersingsniveau)
* Voorzichtig met faalangstige/onzekere kinderen. Deze leerlingen hebben meer kans op blokkeren bij het zien van het verdwijnen van de tekst.
* Het geeft een gevoel van succes wanneer het kinderen lukt om de tekst uit te lezen.

 

 




Zicht op leesondersteuning: doelen en aanpak

zicht op leesondersteuningDe ontwikkeling van het leesniveau van één of meerdere leerlingen is niet voldoende. Je wilt met deze leerling(en) aan de slag.     Laten we even rustig nadenken voordat we starten met het schrijven van een aanpak:

Welk doel heb ik met mijn leesondersteuning?

Je doel vaststellen is zeker niet je eerste stap.  Want je kunt wel ‘zomaar’ een plan opstellen, maar het is goed om eerst eens te gaan analyseren.  Waar valt de leerling op uit?  Is er sprake van een tempoprobleem of heeft de leerling moeite met een bepaalde woordsoort uit te spreken of ??

Uiteindelijk zul je tot de conclusie komen dat vaak de leesondersteuning nodig is op één van deze gebieden:
– automatiseren om tot een hoger tempo te komen.
– de leerling beheerst een aantal leestechnieken nog niet bijv. het zingend lezen.
– de leerling maakt veel leesfouten tijdens het lezen
– de leerling leest radend
– leerling beheerst de techniek om een bepaalde woordsoort te lezen nog niet.

Welke technieken kun je gebruiken bij extra leesondersteuning?

Allereerst is het van belang dat er variatie is in de leesbegeleidingstechnieken.
Sommige technieken zijn meer geschikt voor spellende of radende lezer.

De volgende technieken kun je gebruiken bij het begeleiden van leerlingen die extra leesondersteuning nodig hebben:

  1. Flitswoorden maken van moeilijke woorden:   haal uit de tekst moeilijke woorden. Flits deze woorden. Dit kan door een flitsprogramma of ze in powerpoint te zetten. (doel:  automatiseren/tempo verhogen)
  2. Tekst kopieren:  Tekst met elkaar lezen en de moeilijke woorden markeren. Hierna de tekst nogmaals van kopie lezen. (Nieuwe woordsoort aanbieden en inoefenen)
  3. Wanneer een leerling veel foutjes maakt is het verstandig dat hij/zij de hele zin opnieuw leest na een fout. (radende lezer)
  4. De tekst of woordrij 3x lezen. Tijdens de verschillende keren lezen houd je de tijd bij. Natuurlijk proberen we dan de tijd te verbeteren. Je kunt de tijd/aantal fouten ook vastleggen in een grafiek. (automatiseren/ tempo verhogen)  Een voorbeeld hiervan zijn de race leesbladen.
  5. De leerling leest de woordrij of de tekst. Begeleider markeert de lastige woorden of de fout gelezen woorden. Hierna leest de leerling nog een keer de lastige/fout gelezen woorden. (nauwkeurig lezen/ nieuwe woordsoort aanbieden)
  6. Lezen van onzinwoorden:  deze woorden kun je niet raden. Je moet dus echt gaan lezen.  (nauwkeurig lezen)

 

Leesondersteuning bij leerlingen van groep 3

In groep 3 kun je natuurlijk ook gebruik maken van bovenstaande leesbegeleidingstechnieken, maar voordat je hiermee aan de slag gaat is het handig om te analyseren wat er aan de hand is waarom een leerling uitvalt.  De struiksma toetsen kunnen je hierbij helpen.

In groep 3 kan het voorkomen dat het lezen nog niet lekker loopt omdat de leerling de klank-tekenkoppeling nog niet goed voldoende geautomatiseerd heeft.  Tijdens het lezen moet de leerling met de andere letters zien te ontdekken welk woord er staat.   Ga dan terug naar de basis en ga aan de slag met het stimuleren van klank-tekenkoppeling.

In groep 3 is het verder van belang dat er veel hardop gelezen gaat worden. Wanneer je dit vanaf het begin van het schooljaar dit doet zal het als gewoon ervaren worden.  Halverwege het jaar zal het leesniveau veel gaan verschillen. Ook dan is juist hardop lezen goed en zorg dat voor een klimaat waarin zich ook hardop durft te uiten.

Ten slotte…..

Vergeet niet dat extra leesondersteuning alleen op het technische of begrijpende aspect moet liggen.  Vergeet ook zeker de leesmotivatie niet en vraag je jezelf af:   Hoe kan ik deze leerling ook leren om te genieten van lezen?