logboek extra begeleiding

Ouderbetrokkenheid vergroten bij extra begeleiding.

Extra begeleiding van kinderen speelt zich vooral op school af.   Ouderbetrokkenheid is belangrijk (ook één van de pijlpunten van HGW) maar vaak is dit lastig.  In deze blog geef ik tips om tijdens de extra begeleiding van een leerling de ouderbetrokkenheid te vergroten.

ouderbetrokkenheid vergroten

1.  Samen in gesprek

Wat zijn je doelen voor de extra begeleiding?   Vanuit de klas of in de klas zul je voor jezelf doelen stellen. Meestal zijn deze doelen gericht op de leerstof.  Toch is het ook heel belangrijk om ook te denken aan de onderwijsbehoeften van een leerling.  Vraag daarom ook aan de leerling waarin hij/zij begeleiding nodig heeft. Dit kan niet alleen op cognitief vlak liggen maar ook bijv. op sociaal-emotioneel vlak.   Vaak kent de leerling zichzelf heel goed en weet hij/zij waar de knelpunten liggen. Met het formulier intakegesprek RT kun je je een goed beeld krijgen van een leerling.  Geef ook de ouders de mogelijkheid om een beeld te schetsen over de leerling.  Laat hen ook duidelijk de verwachtingen die zijn hebben over extra begeleiding verwoorden.

 

 

 

 

2.  Doelen stellen

Met stap 1 heb je een duidelijk beeld van de leerling en zijn omgeving gekregen.  Waarschijnlijk heb je ook een gesprek gehad waarbij de leerkracht de doelen qua leerstof heeft toe kunnen lichten.  Nu is het goed om een beginsituatie te beschrijven.  Je kunt hiervoor de informatie die je gegeven is gebruiken.  Vanuit deze beginsituatie ga je doelen stellen.   Ook hierin kun je de ouders en kinderen betrekken. Bespreek met elkaar de doelen. Bekijk of voor iedereen het doel duidelijk is.   Ga met elkaar op welke manier iedereen aan de doelen kan en zou willen werken. Spreek daarna af in welke mate en welke hoeveelheid er thuis gewerkt gaat worden aan de leerstof.

 

3.  Op school en thuis aan de slag

Tijdens het gesprek bij punt 2 kun je aan de hand van de doelen gaan plannen.  Ouders kunnen op dat moment ook aangeven welke mogelijkheden er zijn om de leerling thuis te begeleiden.  Maak tijdens dit gesprek duidelijke afspraken over welke rol de ouder binnen dit leerproces zal vervullen.  Bespreek ook met elkaar op welke manier de ouder je op de hoogte kan houden wanneer er iets aan de hand is of wanneer er vragen zijn over de leerstof.  Maak nu een planning voor een lange tijd.  Dit betekent niet een hulpplan waarbij je elke week kijkt wat je nu gaat aanbieden, maar maak een planning bij je lange termijndoelen.   Een voorbeeld van zo’n plan:

Week 38:    Voorbereiding op spellingsregel verdubbelaar
Instructie:   klanken onderscheiden  (korte klanken, lange klanken, medeklinkers etc.)
Materiaalgebruik:  bal
Extra inoefening:  werkbladen bladzijde …. uit …………………..

Week 39:   voorbereiding op spellingsregel verdubbelaar
Instructie:  herhaling klanken
oefenen van het verdelen van woorden in klankgroepen
Materiaalgebruik:  bal
Extra inoefening:  werkbladen bladzijde … uit…………………….

Week 40:  aanbieden van spellingsregel klinkerdief
Instructie: herhaling klanken en verdelen van woorden in klankgroepen
woorden verdelen in klankgroepen, verwoorden van klank aan eind van klankgroep, toepassen van spellingsregel
Materiaalgebruik: pen en papier
Extra infoefening:  werkbladen bladzijde…. uit…………………….

Wanneer je zo’n plan maakt, dan werk je echt naar het behalen van de doelen toe.  Je hebt nu een planning voor de komende tijd en je hebt duidelijk overzichtelijk in beeld op welke manier je de doelen gaat behalen.  Ben je benieuwd wat ik met die bal doe om de klinkerdief of verdubbelaar aan te bieden?  Kijk dan eens bij het artikel: ‘de verdubbelaar in stappen inoefenen’ 

 

4.  de uitvoering!

Ook tijdens de uitvoering van het plan kan de ouderbetrokkenheid erg hoog zijn.  Jij bent met een plan bezig, maar wanneer ouders thuis ook aan de slag gaan is het goed om elkaar op de hoogte te houden.  Dit kan bijv. door middel van een logboek.

logboek extra begeleiding

In dit logboek staat het volgende beschreven:

– een kort overzicht van het leerniveau van de leerling bij de start van uitvoering plan
– korte samenvatting van de doelen
– mogelijkheid tot evaluatieverslag
– kort overzicht van aangeboden leerstof van een ontmoetingsmoment
– overzicht van leerstof of leermaterialen waarmee ouders en leerling thuis aan het werk gaan
– ruimte voor ouders om vragen te stellen  en ruimte voor het delen van ontwikkelingen.

Je kunt dit logboek downloaden. Dit is een WORD bestand die je mag bewerken naar eigen inzicht voor gebruik op school of in RT praktijk.

[wpdm_file id=74]

5.  Evalueer je doelen

Je hebt ouders betrokken bij het vaststellen van een beginsituatie, bij het vaststellen van de leerdoelen, bij de uitvoering maar vergeet ouders niet bij het evalueren van de doelen.   Vaak neem je een toetsing af om te kijken of de doelen zijn behaald. Je kunt met deze feitelijke gegevens aan de slag. Maar je kunt niet alleen evalueren aan de hand van de toetsgegevens, maar ook door met de leerling en de ouders in gesprek te gaan.  Je kunt tijdens dit gesprek alweer stappen ondernemen voor een volgende periode.  Evalueer met elkaar de leerdoelen en stel nieuwe doelen op voor een volgende periode.

 

Op zoek naar meer RT materiaal?  Bekijk hier mijn materiaal met o.a. bewegend leren, gebruik van BLOON, spelling, lezen.

 

Welke tips kun je mij (en andere lezers) geven om de ouderbetrokkenheid te vergroten?

 

logo jufanja.eu




spelling; verdubbelaar

Spelling: de verdubbelaar

De verdubbelaar:  een spellingsregel waar veel kinderen moeite mee blijven houden.  Natuurlijk kun je er achteraf extra oefeningen tegenaan gooien, maar waarom niet eens kijken naar de aanpak van de instructie en inoefening van deze spellingsregel?

spelling; verdubbelaar

(overigens is er bewust voor gekozen om de verdubbelaar in lettergrepen te verdelen)

Voorkennis

Om de spellingsregel van de verdubbelaar tot een succes te laten worden is het belangrijk dat de leerling deze vaardigheden en/of kennis al beheerst:

– de leerling moet verschil kennen en kunnen benoemen  tussen lange en korte klanken:

Als je het verschil tussen lange en korte klanken niet weet is het ook lastig om te luisteren want wat moet je dan horen?   Wanneer een leerling hierop uitvalt kun je het klinkerschema alsnog aanleren.  Dit kun je doen door elke letter van een zelfverzonnen woord te benoemen. De leerling noemt bij elke letter of het een korte klank, lange klank, medeklinker of tweetekenklank is.

Preventief kun je dit ook aanbieden. In een groep 3 waar ik op bezoek was zag ik dit ook:

lange en korte klanken

(idee uit:   Zo leren kinderen leren lezen en schrijven)

– de leerling moet een woord in klankgroepen kunnen verdelen:

Het is lastig om de spellingsregel van de verdubbelaar toe te passen wanneer je een woord niet op de juiste manier kunt verdelen in klankgroepen. Ook in het onderwijs is hier wat verwarring over. Lees hier maar een discussie tussen RT’ers  en wat het SLO voor uitleg geeft.
Om dit te oefenen kun je het spel waarbij je een woord in lettergrepen verdeelt goed gebruiken. Alleen verdeel je het nu niet in lettergrepen maar in klankgroepen.

 

Aan de slag

Zo, nu de kinderen dit allemaal beheersen kunnen we pas écht aan de slag met de spellingsregel van de verdubbelaar.   Hier een aantal tips:

– Oefen niet alleen met werkbladen.
– Leer een rijmpje aan om de spellingsregel te onthouden (volg het rijmpje of spellingsregel zoals de methode aangeeft)   Enkele voorbeelden hiervan zijn:

                                 * Als ik aan het eind van een klankstuk een korte klinker hoor, ga ik met
twee medeklinkers door.
*Korte klanken zijn blij, want er komt een letter bij.

– Hang de spellingsregel op in de klas.   Gebruik de spellingsposter van de methode of gebruik de poster van RT materiaal als  zelfstandig spellen / Speciale spellingsbegeleiding. Maak hier een schoolbrede afspraak over.

handtekening

 Heb jij tips om toe te voegen?  Wat zou je graag meer willen weten?  Plaats dit in een reactie hieronder.

 

 

 




klank- tekenkoppeling

Zorg in groep 3: klank-tekenkoppeling

klank

Sommige kinderen in groep 3 hebben extra begeleiding, tijd, instructie nodig om te leren lezen.  Een onderdeel van het leren lezen is de klank-tekenkoppeling.
Met de volgende activiteiten kun je extra oefenen met de klank-tekenkoppeling:

Ello stoplichtletter

De Ello stoplichletters kun je hier downloaden. Geef het bolletje waarbij je start een groene kleur, de bolletjes waar er wisselingen van richtingen aangeven een oranje kleur, het einde van letter een rode kleur. Laat de leerling met zijn vinger de juiste weg rijden. Laat hem/haar ondertussen de klank horen.  Doe als begeleider hierin mee.
Doe het eerst met vinger, hierna elke keer met een andere kleur potlood.

Scheerschuim scheerschuim

Zelfs een kind dat eigenlijk niet graag op school werkt, vindt deze activiteit leuk.
Neem een beetje scheerschuim uit de bus en smeer dit op de tafel. Maak je hand nu een beetje vochtig en smeer het uit zodat de tafel lekker wit is van het schuim.  (kinderen vinden dit overigens ook heerlijk om voor je te doen)  Pak elkaars hand vast en schrijf nu de letter of schrijfletter in het scheerschuim. Laat ondertussen ook de klank horen. Hierna kan de leerling het alleen. De leerling mag dit echt een aantal keer herhalen.

Woordrijtjes

De letters kun je niet aanbieden op een speelse manier maar het is ook goed om deze klank direct te koppelen aan het teken en dit meerdere malen te herhalen. Gebruik daarom ook leesbladen met woordrijtjes rond deze klank/letter. Zoals bijv. woordrijtjes ie

Schuurpapier schuurpapierletter

Evenals scheerschuim is het de bedoeling dat de leerling de letter ook nu gaat voelen! Vooraf knip je de letter uit.  Het meest handige is om deze letter op een papier te plakken. Je kunt ervoor kiezen om de blokletters aan te bieden en de schrijfletters. De eerste keer ga je samen met de vinger over de letter (je stuurt de schrijfvinger van de leerling) Hierna kan de leerling het alleen. Ook nu houdt je de klank zo lang mogelijk aan tijdens het ‘schrijven’.

Connect klanken en letters

Connect klanken en letters is een interventieprogramma voor beginnende lezers in groep 3.  Hoe het precies werkt? Je kunt het precies lezen in de handleiding.  Op Leraar24 kun je dit filmpje bekijken. Dit is een intensief programma van minimaal 3x per week a 20 minuten.  Hier kun je teksten vinden met een bepaalde letter.

Flitsen flitsen

Je zou er bijna niet aan denken omdat het zo gewoon is in de klas. Misschien is het mogelijk om een flitsbegeleider te vinden die elke dag een moment kan komen flitsen.  Alle letters blijven herhalen.

 

Mijn letterboekje

Bij de map Fonemisch bewustzijn hoort ook een letterboekje. Voor een leerling met moeilijkheden is dit even wat makkelijker waardoor hij/zij niet alles als moeilijk ervaart.  En toch is er ook aandacht voor herhaling van de letters.

Schuifletter

schuifletterOok de schuifletter kun je heel goed gebruiken. Voor uitleg en werkbeschrijving verwijs ik je naar dit bericht.

 

 

 

Ten slotte….
Een letter herhalen doe je niet zomaar. Het is van belang om goed op de hoogte te zijn van de ontwikkeling van het kind. De letters die een leerling al kent kun je natuurlijk herhalen maar ga je niet uitgebreid aanbieden. Het is een goed idee om één letter/klank centraal te zetten in 1 á 2 weken. Hierna biedt je een nieuwe letter aan maar blijf je altijd kort de letter/klank herhalen.

Dit zijn allemaal tips en activiteiten die je uit zou kunnen voeren wanneer een leerling nog niet alle klanken aan het juiste teken kan koppelen. Maar ik weet dat er veel activiteiten zijn die je eigenlijk in een individuele situatie het beste kan begeleiden/inoefenen. Toch zijn het wel activiteiten die ik wel wil benoemen en die je soms makkelijk kunt integreren in je klassenorganisatie. Voor andere activiteiten zou het fijn zijn als er een ouder of leerkracht/onderwijsassistent dit zou kunnen begeleiden.

 

 

 




spel schuifletter

Zorg groep 3: schuifletter

schuifletter

Helaas niet de beste foto maar wel goed om te laten zien wat ik met jullie wil delen.

Schuifletter

Materiaal:    1 vel A4 gekleurd papier, 1 vel A4 wit papier, zwarte marker, schaar, perforator
Werkbeschrijving:  Knip het gekleurde vel horizontaal door het midden.  Maak 2 gleufjes boven/onder elkaar aan de linkerkant en aan de rechterkant.  Knip lange stroken van witte vel papier. Zet hier de medeklinkers onder elkaar. (Plak 2 stroken aan elkaar om een lange strook te krijgen) Maak nog zo’n strook met dezelfde volgorde van medeklinkers.  Schuif de stroken in de gleuven.  Maak eventueel gaatjes om de schuifletter op te bergen in snelhechter of map.
Doelen:  oefenen van verschillende tweetekenklanken, klanken herkennen, woorden ontwikkelen.
Gebruik:  Tijdens RT ging ik hier met de leerlingen mee aan het werk. Vooral wanneer leerlingen de klank-tekenkoppeling nog niet goed hadden gemaakt. Dit spel is ook goed te gebruiken tijdens een taalcircuit in de klas.

Je schuift de linkerstrook tot een letter naar keuze. Deze blijft het gehele spel op deze letter staan.  Je start met de rechterstrook bovenaan. Je leest het woord (hardop) en vertelt  wat er staat. Is dit een bestaand woord?  Je schrijft hem dan in je schrift. Is het een onzin-woord? Je schuift de rechterstrook naar de volgende letter en controleert dit woord.




spel om klankgroepen te oefenen

Oefenen met het maken van lettergrepen

spellingsoefening; bal

Voor verschillende taalactiviteiten is het belangrijk om woorden in lettergrepen te verdelen.  Zo komt het ook aan bod bij spellingsregels:
Eerst het woord in lettergrepen (of klankgroepen) verdelen en dan……

Regelmatig kan een leerling uitvallen op zo’n spellingsregel. Je gaat dan oefenen met zo’n leerling. Het is dan wel belangrijk dat een leerling een woord in lettergrepen kán verdelen. Want anders leer je stap 2 aan, maar heeft hij/zij stap 1 nog niet onder de knie.
Daarom deze korte en ook simpele spellingsoefening:

Materialen:
* bal
* woorden

Beschrijving:
Begeleider noemt een woord.  De leerling zegt het woord hardop na.  Hij gaat nu hardop het woord in lettergrepen verdelen. Op het plekje waar je het woord deelt, daar laat je de bal stuiteren.

Voorbeelden:
ja  (stuiter) ger
zo (stuiter) mer (stuiter) va (stuiter) kan (stuiter) tie

 




handleiding bloon voor ouders

BLOON handleiding voor ouders/verzorgers

Een aantal weken geleden was ik op zoek naar een handleiding voor BLOON.
Niet voor mijzelf, welteverstaan, maar om duidelijk te communiceren naar ouders op welke manier BLOON werkt.

Helaas was er nog geen handleiding te vinden, maar vond ik wel deze handleiding voor de leerkracht. (Bron: MaartenV.be)

Maar het schrijven van een handleiding is soms zo makkelijk nog niet.  Gelukkig gaven @jufinger  en @talletjetaal mij feedback zodat ik het stuk uiteindelijk heb kunnen afronden.

bloon1

Op verzoek zijn er meerdere versies:
Versie 1:  Handleiding en in te vullen wachtwoordpagina
– Versie 2  Handleiding om via mail te versturen
Versie 3:  Printversie in te vullen wachtwoordpagina

 




klinkerschema

Overzicht: klinkers en medeklinkers

Overzicht van klanken

Voor kinderen die moeite hebben met spelling is het soms lastig om te onthouden wat nu de korte of lange klanken zijn.  Dit is toch heel belangrijk om bepaalde spellingsregels toe te kunnen passen.

 

Klankenschema

Dit klankenschema kan voorin een spellingsmap gestopt worden. Het is een soort afkijkblad waar het kind even kan ‘spieken’ om te kijken wat het ook alweer was, maar te gebruiken om de klanken uit het hoofd te leren.

klinkerss

 

Download dit document door op de afbeelding te klikken.




d en b voorbeeldkaartje

b/d wisseling: visueel zichtbaar maken

 

De b en d wisseling.  Elke juf in groep 3 kent dit ‘probleem’.  Ook in hogere groepen zijn er nog leerlingen die deze door de war halen.
Fijn zou het zijn als de kinderen ‘visueel’ kunnen afkijken zodat ze bij twijfel kunnen kijken welke letter het moet zijn.

b d kaartjeVisueel zichtbaar maken

Daar is dit handige kaartje om op tafel te plakken, zodat er een duidelijk verschil ontstaat tussen de ‘b’ en ‘d’. Met hierbij de schrijfletter er later even boven geschreven.

Dit is natuurlijk niet het enige wat u kunt doen bij deze wisselingsprobleem.   Denk bijv. ook aan het b en d spel.




Spelling: Posters spellingregels (zelfstandig spellen)

Spellingposters bij ‘Zelfstandig Spellen’

Spellingsregels;  als je ze weet en kunt toepassen dan kom je er wel met je spelling. Vaak is het onthouden én het toepassen lastig.

 

Spellingposters bij Zelfstandig spellen

Bij de methode ‘Zelfstandig Spellen’ (voor spellingzwakke leerlingen; vaak gebruikt bij RT) heb ik spellingsposters gemaakt.
Alle spellingsregels zijn overgenomen uit dit boek. De posters zorgen voor een visuele ondersteuning bij de spellingsregels.

Hoe te gebruiken?

Print de posters op A4 papier. Lamineer de posters. Hang ze boven of onder het bord.
Wanneer je aan de slag gaat met een spellingsregel: vergroot de A4 poster op A3 papier en hang deze duidelijk op het bord.

 

juf anja downloads

 

Spellingposters bij Zelfstandig Spellen

 

 




oefenexamen theoretisch verkeersexamen

Afnameformulier PI dictee

Dit formulier is vooral geschikt voor leerlingen vanaf groep 5 omdat deze leerlingen makkelijker zonder hulplijnen kunnen schrijven.

pi dictee

Leerlingen hoeven zelf alleen in te vullen welk blok (bloknummer geeft leerkracht aan) en kunnen daarna de woorden opschrijven.




Spelling dobbelspel

Spelling dobbelspel

Het idee is niet van mij afkomstig maar van teachingthird (helaas bestaat blog niet meer?), en ik vond het Engelstalige origineel op pinterest.
Ik heb mij dus ingezet voor een Nederlandse vertaling en heb daarbij wel wat moeten aanpassen.  Er zijn 2 versies, samengevoegd in één document.

Dit spel is goed geschikt voor het oefenen van een woordpakket. Gebruik bij dit spel kaartjes met hierop een woord. Verder is het handig om elke leerling een vel papier te geven.  Bij opdracht 5 kun je de instructie geven om een liedje te verzinnen op een bekende melodie zoals bijv. poesje mauw.




werkwoordspelling spel

Spel: werkwoordspelling

werkwoordenspel klein

Spel werkwoordspelling

Verleden tijd, tegenwoordige tijd, soms kun je alles door de war halen. Met veel oefenen kun je dit beter onthouden. Dit spel maakt werkwoordspelling oefenen wat gezelliger.  Je kunt dit spel aanpassen door gebruik te maken van één of meerdere dobbelstenen.

Wat heb je nodig?

Je hebt nodig:

 

* per leerling vel papier.
* per groepje 1 ‘gewone’ dobbelsteen.

 

Speelwijze

Leerling gooit met ‘gewone’ dobbelsteen. Hij/Zij verzet zijn/haar pion op het speelveld. Hij/Zij komt op een werkwoord. Hierna gooit leerling met 2 bovenstaande dobbelstenen. Hij ziet nu in welke vorm hij het werkwoord moet vormen en in welke tijd. Leerling schrijft de juiste vorm op papier wat voor hem ligt.

 

juf anja downloads

Spelbord
Dobbelsteen persoon
Dobbelsteen verleden tijd/ tegenwoordige tijd

 

 




b en d spel

de b en de d…….

Voor elke leerkracht in groep 3 waarschijnlijk wel herkenbaar. De wisseling van de b en de d. Soms zit dit er zo hardnekkig in………..  Daarom presenteer ik:   het b/d spel!

Hoe werkt dit spel?

Leg de neerlegkaarten(1 rode, 1 groene, 1 oranjekaart) naast elkaar op tafel.  De kaartjes met woorden leg je op z’n kop (en door elkaar geschud) op een stapel. (kaartjes met mkm woorden,  mkmm woorden) De leerling pakt een kaartje kijkt naar het woord en probeert het zo snel mogelijk op het juiste neerlegkaartje neer te leggen. Is het een woord met een d?  dan moet hij op het kaartje met de d!  Ondertussen spreek het kind het woord uit.
Weet een kind het niet of duurt het langer dan 5 seconden?  Leg dan het kaartje op het oranje neerlegkaart. Met die woorden willen we oefenen.  Is het even verkeerd gegaan?  Leg hem dan ook op oranje neerlegkaart. Dan oefenen we gewoon even verder.
Dit spel is vooral om de visuele letter te koppelen aan de klank.  Eventueel kun je gebruik maken van de kaartjes met een plaatje (b = beer/  d= duif)
Je kunt kiezen uit 2 bestanden:  mkm woordjes of o.a. mmkm/mkmm woorden.

Enthousiast?   Hieronder kun je alle materialen downloaden:  woordkaartjes + 2 varianten neerlegkaarten.

juf anja downloads

 

Neerlegkaartjes duif/beer
Mkm woorden
Mkmm woorden

 

 

 




Spelling: gezamenlijk dictee

Dictee
Print deze dicteekaartjes op gekleurd papier. Lamineer de kaartjes.
Laat de kinderen met z’n tweeen werken:  de een leest het woord voor; de ander schrijf het woord op.  Na 5 woorden controleren ze of de woorden goed zijn.